De volgende dag bracht ik een bezoek aan Adolfo, de veearts. Ik legde hem het probleem voor en we spraken af dat ik zaterdagmorgen met het varkentje naar het slachthuis zou komen en daar zou hij die klus wel klaren.
Zaterdag was ik present met het varkentje en na even wachten kwam ook Adolfo aangereden.
‘Ben je alleen?’
‘Nee, het varkentje zit in de auto.’
Hij keek me een beetje verbaasd aan.
