Kleine hondjes blaffen beduidend meer dan grote omdat ze meer te vrezen hebben. Als we nou nog een hondje namen? Misschien waren ze met zijn tweeën minder bang. Binnen de kortste tijd hadden we een nieuwe kandidate. Een iets groter, blond hondje. Misschien zou dat Sambals gedachten een beetje verzetten.
Ik lag in bed en probeerde mij niet te ergeren. Soms hield ik het niet meer en kon ik het niet verhinderen dat ik een of andere zwaar voorwerp de duistere nacht inwierp, gevolgd door een luide kef. Raak! Dan was het even stil.
Sambal was wat men hier een nobele hond noemt. Geen zeiker, geen keffer, maar vriendelijk en leergierig. We raakten snel aan hem verknocht. Hij nam zijn taak, het huis bewaken, zeer serieus. Vele nachten bracht hij blaffend door. In bed hoorde je hem dan eens aan deze kant van het huis blaffen, dan weer aan de andere kant. Overdag sliep hij vooral. De vos zal in zijn vuistje hebben gelachen. ‘Ik geen kippen, zij geen slaap.’
Langharig, zwart en heel knap. Je zag zijn ogen nauwelijks maar wel zijn felrode tongetje als hij hijgde. Tsambo heette hij. We hebben hem meegenomen en vrij snel heette hij Sambal.
Vlak voor zijn tiende verjaardag was Fabian thuis gekomen met de mededeling dat hij van een vriend een hondje kon krijgen. De moeder van het hondje was een Tibetaanse Tempelwachter. Dat klonk naar flink. Wij vertelden hem dat we wel een hond wilden maar hij moest wel klein zijn. ‘Nou, hij is heel klein, hoor.’ ‘Ja… maar blijft hij ook klein?’ Fabian wees met zijn hand ongeveer tien centimetervan de grond. ‘Zo groot is de moeder.’ Dat was wel erg klein.
We moesten dus wel een hond hebben. Omdat de schrik er nog goed in zat, dachten we aan een klein hondje. In de hoop dat we die wel de baas konden. We besloten navraag te doen naar nesten met kleine hondjes.
Het varken was slachtklaar en woog ongeveer tweehonderd kilo. En voordat je met een naald door al dat vet heen bent. ‘Je kunt pas slachten als je zeker bent dat de wond genezen is.’ De buurman betuigde zijn spijt en ging weer weg. Ik maakte van de varkensstal een ziekenboeg en verzorgde het varken zijn wond.